De Zakaat

Zakaat over handelsrijkdommen

Het handelsvermogen of handelsgoederen, zoals de rechtsgeleerden het noemen, dat is wat bedoeld is voor verkoop of inkoop met het plan om winst te maken, zoals apparaten, dingen (boedel), kleding, etenswaren, sieraden, edelstenen, dieren, planten, vastgoed en andere zaken…

Ten eerste: de verplichting ervan.

Zakaat over handelsgoederen is verplicht met de hierna volgende bewijzen:

  1. de Koran: {Jullie die geloven! Geeft ook bijdragen van de goede dingen die jullie verworven hebben…}(al-Baqara: 267). De betekenis van “goede dingen” is hier: handelswinst, zoals de meeste Korancommentators zeggen en onder hen al-Hasan, Mujahid, al-Tabari, al-Razi, en anderen.
    En ook de verzen die zakaat verplicht stellen over geld in het algemeen omvatten handelsvermogen als niet het tegendeel bewezen wordt.
  2. de Sunna: volgens Samurra ben Djundub: “de Gezant Gods (vrede zij met hem) beval ons een aalmoes te geven uit wat wij gebruiken voor de verkoop”. Overgeleverd door Abu Daawud, al-Daraqutni, en Ibn ‘Abd al-Barr heeft het goedgekeurd.
  3. de consensus van de metgezellen, de volgelingen en de Salafiyya: Er is bevestigd dat ‘Umar ben al-Khattaab (moge God tevreden over hem zijn) zakaat afnam van de handelsgoederen. Geen van de metgezellen ontkende dit, zoals de zakaat van de handel wordt bevestigd volgens Ibn ‘Abbaas, Ibn ‘Umar, en ‘Umar ben ‘Abd al-Aziz. De volgende rechtsgeleerden bereikten hier consensus over. En ook werd overgebracht dat Ibn al-Mandhar, Abu ‘Ubaid ook consensus bereikten. En dit is de opinie van de vier rechtsscholen. Niemand spreekt dit tegen behalve het volk van al-Zahir. De Shi’ieten zeggen dat zakaat aan te bevelen is in handelsgoederen als aanvulling op de vijf die het verplichten.

Ten tweede: de voorwaarden van zakaat over handelsgeld.

  1. aanwezigheid van twee bestanddelen van handel en dat zijn: de verkoop en de inkoop, en als intentie de handel te hebben. En als één van deze componenten ontbreekt dan is het geen handel. En vervolgens is er geen verplichting tot zakaat. Zoals wanneer men iets koopt voor persoonlijk gebruik of wanneer men van plan is te handelen, maar hij koopt niet en hij verkoopt ook in feite niets.
  2. het bereiken van de nisaab: dat wil zeggen dat de waarde van de handelsgoederen de nisaab van het geld bereikt, en de hoedanigheid van de nisaab is anders dan de jaartelling alleen. En dit is volgens zeggen van Malik en Shafi’i.
  3. het ontbreken van bezwaar leidend naar dualisme over zakaat. Als er handelsgoederen zijn waarover zowiezo zakaat verplicht is, zoals het vee. Er kan geen twee keer zakaat verplicht zijn. In dit geval is het zo, dat als de nisaab wordt bereikt van het vee, dan betaalt men ook de zakaat over het vee. En als de nisaab daar niet wordt bereikt, maar de nisaab van de handel wel, dan is de zakaat van de handel verplicht. En als de nisaab in beide gevallen wordt bereikt, dan betaalt men enkel de zakaat over het vee. Dit is het bezwaar dat de handelszakaat belemmert.

Dit in aanvulling op de algemene voorwaarden over zakaat, die voorbij zijn gegaan aan wat eerder genoemd is.

Ten derde: Hoe betaalt de handelaar zakaat over zijn geld?

  1. De moslim handelaar stelt jaarlijks één tijdstip vast voor het betalen van de zakaat. En op deze datum berekent hij zijn kapitaal bedoeld voor de handel, dat wil zeggen: de koopwaar zoals bedoeld voor de verkoop met de prijs ervan op het moment van de uitgifte van de zakaat. En hij moet alles eraan toevoegen: alles wat hij ernaast aan geld heeft, en alles aan verwachte schulden. Vervolgens trekt hij van dit geheel af wat hij heeft aan openstaande schulden. En betaalt hierover ¼ van 10%, dat wil zeggen 2,5%.
  2. Er is geen twijfel aan de kennisgeving dat gebouwen, meubilair en kleding (behalve die om te verkopen) niet worden meegeteld bij de jaarlijkse telling en er is geen verplichting tot zakaat over. Wat betreft luxe gebruiksvoorwerpen die verkocht worden met wat erin is aan koopwaar, dat wordt berekend op waarde.
  3. De handelaar betaalt de zakaat over zijn handel met de waarde van het geld. En dit is de mening van al-Shafi’i en Ahmad. Bij de Hanafieten is het toegestaan dat de zakaat wordt betaald van de koopwaar die hij heeft. Het beste volgens de meerderheid is het betalen van geld, omdat dat nut heeft voor de armen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.

Close