De Bevrijding

Sociale Bevrijding: Het gezin

Het gezin is volgens de Heilige Koran de eenheid van de maatschappij. Wanneer gezinsleden stevig verbonden zijn door liefde, en wanneer het gezin hecht is en samenwerkt, zal de hele maatschappij voorspoedig, progressief, veilig en productief zijn. Daarom roept de Heilige Koran de mens op om liefdesrelaties op te bouwen met ouders, echtgenote, kinderen en om eerbare, vriendschappelijke en respectvolle relaties met anderen op te bouwen, en vriendelijk te zijn. De Profeet Mohammed zelf werd door Allah geprezen om zijn goede manieren en om zijn vriendelijkheid, met name tot de gelovigen.

  • Door de barmhartigheid van Allah zijt gij (de Profeet) zachtmoedig jegens hen (gelovigen); als gij ruw en hardvochtig waart geweest zouden zij zich zeker uit uw omgeving hebben verwijderd. Vergeef hen daarom en vraag voor hen vergiffenis en raadpleeg hen in belangrijke zaken en wanneer gij vastbesloten zijt, leg dan uw vertrouwen in Allah. Voorzeker, Allah heeft degenen lief die vertrouwen in Hem hebben. [Al-Imraan: 159]
  • En gij staat zeker op hoog zedelijk peil [Al-Qalam: 4]

Om misverstanden te voorkomen roept de Heilige Koran de mensen op om niet te geloven wat zij van anderen horen, of beschuldigingen van anderen te geloven.

Hij beveelt mensen om onderzoek te plegen en zich van elk gerucht te vergewissen, zodat zij niet misleid worden en anderen kwaad berokkenen.

  • gij gelovigen, indien een slecht persoon u nieuws brengt, onderzoekt het nauwkeurig opdat gij sommige mensen niet in onwetendheid schaadt en naderhand spijt krijgt van hetgeen gij hebt gedaan. [Al-Hodjoraat: 6]

Opdat liefde en vriendschappelijke relaties overheersen, waarschuwt de Heilige Koran om anderen niet te bespotten en geen scheldwoorden te gebruiken.

  • O, gij die gelooft! Laat een volk het andere volk dat waarschijnlijk beter is dan zij, niet bespotten, noch vrouwen andere vrouwen, die misschien beter zijn dan zij. En belastert elkander niet, noch noemt elkaar bij scheldnamen. Kwaad is (het geven van) een slechte naam na de aanvaarding van het geloof, en zij die geen berouw tonen zijn de onrechtvaardigen. * O, gij die gelooft! Vermijdt in het algemeen verdenking want achterdoeht is een zonde. En spionneert niet, noch belastert elkander. Lust iemand onder u het vlees van zijn dode broeder? Gij verafschuwt het zekerlijk. Vreest Allah voorzeker, Allah is Berouwaanvaardend, Genadevol. [Al-Hodjoraat: 11, 12]

Allah schiep vrouw en man, de een uit de ander. Daarom gebiedt hij het getrouwde paar om elkaar lief te hebben, genade te tonen en voor elkaar een trouwe en eerlijke partner te zijn. Zo wordt het gezin gezond, samenwerkend en productief.

  • En dit is onder Zijn tekenen, dat Hij uit uw midden echtgenoten voor u schiep, opdat gij er rust in moogt vinden, en Hij heeft liefde en tederheid onder u geplaatst. Daarin zijn zeker tekenen voor een volk, dat nadenkt. [Ar-Roem: 21]

Niet alleen de relatie tussen man en vrouw moet gebaseerd zijn op liefde en genade, maar ook de relatie tussen kinderen en ouders moet gebaseerd zijn op eerbied en goede behandeling.

  • Wij hebhen de mens op het hart gedrukt betreffende zijn ouders, zijn moeder droeg hem in zwakte op zwakte, en zijn zogen nam twee jaren in beslag. Zeg Mij en uw ouders dank, tot Mij is de terugkeer. * Maar indien (uw ouders) trachten u iets met Mij te doen vereenzelvigen, waarvan gij geen kennis hebt, gehoorzaam hen niet. Doch leef met hen samen in de wereld op een behoorlijke wijze en volg de weg van hem die zich tot Mij richt. Dan zult gij tot Mij terugkeren en Ik zal u inlichten over hetgeen gij deed. [Loqmaan: 14, 15]
  • Uw Heer heeft u bevolen, zeggende: “Aanbidt niemand anders dan Mij en betoont vriendelijkheid jegens de ouders. Indien één hunner bij u een hoge leeftijd bereikt of beiden doen dit, zeg dan nimmer tot hen “Foei” noch stoot hen af, doch spreek tot hen een welgevallig woord. * En wees teder voor hen in erbarming. En zeg: “Mijn Heer, ontferm u over hen daar zij mij opvoedden toen ik jong was.” [Al-Israa, Banie Israa’iel: 23, 24]

We zien in de bovenvermelde verzen dat Allah de goede behandeling van ouders tot een daad van aanbidding tot Hem heeft verheven. Allah gebiedt de mens geen schijn van ongeduld jegens hen te tonen, zelfs wanneer zij trachten hem in een andere god dan Allah te laten geloven. Allah waarschuwt de mens om in dat geval niet te gehoorzamen, maar wel nederig te zijn.

Buiten het gezin beveelt Allah de mens om een geïntegreerd karakter te tonen, dat wil zeggen: dat hij doet wat hij zegt, eerlijk is aan zichzelf, omdat Allah oneerlijkheid verafschuwt.

  • gij die gelooft, waarom zegt gij hetgeen gij niet doet? * Het is afkeurenswaardig bij Allah dat gij zegt hetgeen gij niet doet. [61. As-Saff: 2, 3]

Tegelijkertijd gebiedt Allah de mens, goed te zijn tegen anderen, zelfs tegen hen die onvriendelijk of vijandig tegen hem zijn. Dat gedrag maakt een einde aan vijandigheid en brengt liefde en vriendelijkheid ervoor in de plaats.

  • Het goede en kwade zijn niet gelijk. Daarom weerstaat (het kwade) door hetgeen best is. Dan ziet, degene met wie gij vijandschap hebt, hij zal als uw boezemvriend worden. [Fussilat: 34]

Mensen moeten, zegt de Heilige Koran, elkaar helpen door goed te doen, en samenwerken om de menselijke gemeenschap op te bouwen, zodat ze een veilig, vreedzaam leven voor hun gemeenschap bewerkstelligen.

  • ….En helpt elkander in deugdzaamheid en vroomheid maar helpt elkander niet in zonde en overtreding. En vreest Allah. Waarlijk, Allah is streng in het straffen. [Al-Maidah: 32]

De Heilige Koran staat erop, dat de menselijke gemeenschap in vrede leeft. Daarom verbiedt Allah het doden van mensen, behalve als remedie tegen bepaalde maatschappelijke kwalen.

  • …. dat wie ook een mens doodt, behalve wegens het doden van anderen of het scheppen van wanorde in het land, het ware alsof hij het gehele mensdom had gedood, en voor hem, die iemand het leven schenkt, alsof hij aan het gehele mensdom het leven heeft geschonken. [Al-Maidah: 32]

Maatschappelijke zaken moeten gevoerd worden door middel van wederzijdse raadpleging, vooral tussen degenen die zonden vermijden en goede daden verrichten en van hun eigen rijkdom weggeven voor het welzijn van de gemeenschap. Niemand mag de ander domineren en hem dwingen te doen wat hij wil.

  • Voor degenen die de zwaarste zonden en gruweldaden vermijden en die wanneer zij vertoornd zijn, vergeven; * En voor degenen die naar hun Heer luisteren en hun gebeden houden en wier manier van handelen een zaak van wederzijds overleg is en voor degenen die geven van hetgeen waarmee Wij hen hebben voorzien; * En voor degenen die, als een aanval hen treft, zich verdedigen. [Asj-Sjoera: 37-39]

De Heilige Koran gebiedt mensen, voor wezen te zorgen. Hij waarschuwt ervoor, ze op geen enkele manier kwaad te doen. Hij staat erop dat hun eigendom intact dient te blijven.

  • En raakt het eigendom van de wees niet aan dan op de beste wijze tot hij zijn meerderjarigheid heeft bereikt. En vervult het verbond; want gij zult omtrent het verbond worden ondervraagd. [Al-Israa, Banie Israa’iel: 34]
  • Beheert het eigendom van de wees, voordat hij volwassen is, niet anders dan op de beste wijze. En geeft de volle maat en het volle gewicht met rechtvaardigheid. [Al-An’aam: 152]

De Heilige Koran gebiedt mensen om tot het goede op te roepen en te waarschuwen tegen wat verkeerd is. Want het is door zulk gedrag dat de menselijke gemeenschap een gelukkig leven kan genieten en economische en sociale voorspoed kan realiseren.

  • En laat er een groep onder u zijn die tot goedheid aanspoort en tot rechtvaardigheid maant en het kwade verbiedt; dezen zijn het die zullen slagen. [Al-Imraan: 104]

Zelfs de religieuze rituelen zijn waardeloos wanneer zij van de mensen, die hen toepassen, geen goede mensen maken, die behulpzaam zijn bij de oprichting van een gezonde, hechte maatschappij.

  • Verkondig hetgeen u in het Boek is geopenbaard, en onderhoud uw gebed. Voorwaar, het gebed weerhoudt van ondeugd en kwaad. En Allah gedachtig te zijn is inderdaad het hoogste. Allah weet wat gij doet. [ Al-Ankaboet: 45]

Op het individuele niveau wordt van de mens gevraagd, dat hij niet arrogant is, of snoeft tegen anderen. Het is volgens de Heilige Koran verboden voor de mens, zich superieur aan anderen te beschouwen.

  • En wandel niet hoogmoedig op aarde rond want gij kunt de aarde niet doen splijten, noch kunt gij de bergen in hoogte evenaren. [Al-Israa, Banie Israa’iel: 37]
  • En keer uw gelaat niet (in verachting) van de mensen af noch wandel in hoogmoed op aarde; want Allah heeft de hoogmoedige noch de pocher lief. * En loop met gewone stap en verzacht uw stem; want de meest onaangename stem is het gebalk van een ezel.” [Loqmaan: 18, 19]

Tot slot zeggen we, dat wanneer de instructies van de Heilige Koran met betrekking tot de maatschappij en haar leden en zijn duidingen met betrekking tot wederzijdse relaties tussen mensen worden opgevolgd, de natie tot de naties zal behoren die meewerken aan de bouw van een progressieve beschaving en het bewerkstelligen van internationale vrede en veiligheid.

  • Gij (Moslims) zijt het beste volk dat voor de mensheid (ter lering) is verwekt; gij gebiedt wat goed is, verbiedt wat kwaad is en gelooft in Allah. [Al-Imraan: 110]

Het gelasten van wat juist is, vereist geloof, goede daden, een voorbeeld zijn voor anderen in het goede en de macht hebben om ervoor te zorgen dat het goede overheerst. Verbieden van wat verkeerd is vereist het mijden van het kwaad, een voorbeeld stellen aan anderen in het vermijden en verhinderen van verkeerde daden en de macht hebben om ervoor te zorgen dat het kwaad en onrecht overwonnen wordt. Islam leeft niet omwille van zichzelf, maar omwille van de mensheid.

De Heilige Koran gaat over de mogelijkheden van de enkeling, en over maatschappelijke problematiek en belangen, in aanvulling op het doel van een voorbeeldig leven, individueel zowel als maatschappelijk, rekening houdende met de positieve en passieve eigenschappen van de mens. Hij concentreert zich op

  1. zuivering van de ziel,
  2. het verhogen van de standaard van wetenschap en het kennisniveau,
  3. het verbeteren van het economische niveau, en
  4. het bereiken van maatschappelijke gerechtigheid.

Om het laatste doel te realiseren hield de Heilige Koran rekening met de volgende beschouwingen:

  1. eenheid van de menselijke entiteit door het bereiken van evenwicht tussen geweten en geest, tussen zintuigen en gevoelens, tussen geest en lichaam,
  2. eenheid van menselijk leven door het bereiken van evenwicht tussen materiële en morele aspiraties, en tussen de materiële, economische belangen en verheven idealen,
  3. eenheid van de gemeenschap door het bereiken van evenwicht tussen individuele belangen en doelen,
  4. eenheid van een volk door het bereiken van evenwicht tussen de belangen van verschillende gemeenschappen waaruit dat volk is samengesteld, zodat het volk een homogene klasse wordt,
  5. Eenheid van de mensheid door het bereiken van evenwicht tussen de belangen van verschillende landen,
  6. het verbeteren en bevestigen van de relatie tussen opeenvolgende generaties en
  7. de bevestiging van het humanitaire aspect van de mens door middel van de bevrijding van de mens.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.

Close