Ethiek

De moslim hoort zich verre te houden van huichelarij

De Boodschapper van Allah (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) zei:

“Drie trekken die naast elkaar bestaan in een persoon, maken hem een huichelaar, zelfs wanneer hij bidt, vast en zich voordoet als een moslim: wanneer hij spreekt liegt hij; wanneer hij iets belooft breekt hij zijn belofte; en als hij vertrouwd wordt bedriegt hij.”[1]

In een andere overlevering is op gezag van ‘Abdullah Ibn ‘Umar overgeleverd dat de Profeet (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) zei:

“Vier trekken die naast elkaar in een persoon bestaan, maken hem een huichelaar. Verder, degene die slechts één van deze heeft, bezit één van de hypocriete eigenschappen, tot hij dit opgeeft: wanneer hij spreekt, liegt hij; wanneer hij een contract ondertekent, breekt hij het; wanneer hij iets belooft, breekt hij zijn belofte en hij mishandelt zijn tegenstander in tijden van twist.”[2]

De tweede Hadith is kritisch voor de praktische realiteit  van het verrichten van Da’wah. De moslim die werkt om de samenleving te hervormen op basis van islamitische voorschriften, moet klaar zijn met zijn eigen hervorming, want Allah, de Almachtige zal nooit de status van een volk veranderen tot ze veranderen wat in henzelf is. De huichelaar is degene die het tegenovergestelde van hetgeen verborgen is, ten tonele voert. Voor degene die zijn ongeloof in de fundamenten van het geloof verbergt: hij is een ware huichelaar en zijn beoordeling in het Hiernamaals is dezelfde als die van de ongelovigen. Sterker nog, zijn bestraffing kan pijnlijker zijn dan die van de ongelovigen. Allah, de Almachtige zegt:

{Voorwaar, de huichelaars zullen in de laagste verdieping van de hel zijn: je zult nooit een helper voor hen vinden.}

(An-Nisa’: 145)

Echter in het geval waar iemand iets anders verbergt dan ongeloof in Allah en Zijn Boek, blijft hij schuldig aan een of meerdere takken van huichelarij. Dit is de huichelarij van de daad. Het is een van de ernstigste zonden.

Kenmerken van een huichelaar

Zijn hart is ziek

Allah, de Almachtige zegt:

{In hun hart is een ziekte (twijfel en huichelarij) en Allah heeft deze ziekte doen verergeren, en voor hen is er een pijnlijke bestraffing vanwege wat zij plachten te loochenen.}

(Al-Baqarah: 10)

Hij verricht onheil op aarde

Allah, de Almachtige zegt:

{En als er tot hen wordt gezegd:” Zaait geen vererf op de aarde”, dan zeggen zij:” voorwaar, wij zijn slechts verbeteraars.”(van de juiste normen en waarden) Weet: voorwaar, zij zijn de verderfzaaiers, maar zij beseffen het niet.”}

(Al-Baqarah: 11-12)

Hij beschuldigt de gelovigen van dwaasheid

Allah, de Almachtige zegt:

{En als er tot hen gezegd wordt:” Gelooft, zoals de mensen geloven”, dan zeggen zij:” Zullen wij geloven zoals de dwazen geloven?” Voorwaar, zij zijn de dwazen, maar zij weten het niet.}

(Al-Baqarah: 13)

Hij is de wreedste tegenstander

Allah, de Almachtige zegt:

{En onder de mensen is er degene wiens woorden over het wereldse leven jullie verbazen en hij roept Allah om te getuigen over wat zich in zijn hart bevindt, terwijl hij de ergste opstandeling is. En wanneer hij zich afwendt, gaat hij op de aarde rond om er verderf te zaaien en het gewas en het vee te vernietigen. En Allah houdt niet van het verderf.}

(Al-Baqarah: 204-205)

Hij steunt de ongelovigen, terwijl hij wacht op de nederlaag van de gelovigen

Allah, de Almachtige zegt:

{Waarschuw de huichelaars dat er voor hen een pijnlijke bestraffing is. Degenen die de ongelovigen in plaats van de gelovigen als beschermers nemen: is het de eer die zij bij hen zoeken? En voorwaar, alle eer is bij Allah.}

(An-Nisa’: 138-139)

Hij bedriegt mensen en is traag in het verrichten van daden van aanbidding

Allah, de Almachtige zegt:

{Voorwaar, de huichelaars proberen Allah te misleiden en Hij vergeldt hun (misleiding). En wanneer zij in de salaat staan, staan ze er lui bij, om door de mensen gezien te worden. En zij gedenken Allah slechts weinig.}

(An-Nisa’: 142)

Hij zoekt het oordeel van Taghoet[3]

Allah, de Almachtige zegt:

{Heb jij degenen niet gezien, die dachten dat zij geloofden in wat aan jou geopenbaard is en wat er voor jou geopenbaard is? Zij willen volgens Taghoet berechten, hoewel hen toch bevolen was er niet in te geloven. En het is zo, dat Satan hen ver weg wil doen afdwalen.}

(An-Nisa’: 60)

Hij wekt ordeverstoring en corruptie op tussen de gelovigen

Allah, de Almachtige zegt:

{Als zij met jullie ten strijde zouden trekken, dan zouden zij voor jullie niets vermeerderd hebben dan wanorde, en zij zouden zeker tussen jullie heen en weer rennen om tweedracht tussen jullie te zaaien en onder jullie zijn er die naar hen luisteren. En Allah kent de onrechtplegers.}

(At-Taubah: 47)

Hij liegt

De Boodschapper van Allah (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) zei:

“Er zijn drie tekenen van een huichelaar: wanneer hij spreekt liegt hij; wanneer hij iets belooft, verbreekt hij zijn belofte en wanneer hij vertrouwd wordt, bedriegt hij.”

Hij belastert de waarheidsgetrouwen

Allah, de Almachtige stelt:

{En onder hen zijn er die aanmerkingen op jou maken over (de verdeling van) de Zakat. Als hun dan ervan wordt gegeven dan zijn zij tevreden, maar wanneer hun er niet van wordt gegeven, zie, dan zijn zij boos.}

(At-Taubah: 58)

Hij breekt zijn beloften

Allah, de Almachtige zegt:

{En onder hen zijn er die aan Allah beloofden:” Als Hij ons van zijn gunst schenkt, dan zullen wij bijdragen geven en dan zullen wij zeker tot de rechtschapenen behoren.” Maar wanneer Hij hun dan van Zijn Gunst heeft geschonken, dan zijn zij er gierig mee en wenden zij zich af (van hun belofte). En zij wenden zich af. Daarom veroorzaakte (de gierigheid) huichelachtigheid in hun harten, tot de dag waarop zij Hem ontmoeten, omdat zij de aan Allah gedane belofte hebben gebroken en omdat zij plachten te liegen.}

(At-Taubah: 75-77)

Hij bespot de gelovigen

Allah, de Almachtige zegt:

{Degenen die beledigende aanmerkingen maken over de vrijwillige gevers onder de gelovigen, over de aalmoezen en over degenen die vanwege hun armoede niets kunnen vinden (om te geven), tenzij met de grootste moeite en die dan de spot met hen drijven: Allah zal de spot op hen terugwerpen en voor hen is er een pijnlijke bestraffing.}

(At-Taubah: 79)

Hij adviseert anderen om de Jihaad te verlaten

Allah, de Almachtige zegt:

{De achterblijvers (in de tijd van de Slag bij Taboek) verheugden zich erover dat zij achter de Boodschapper van Allah bleven en zij hadden er een afkeer van om met hun bezittingen  en hun levens te strijden op de Weg van Allah en zij zeiden:” Rukt niet uit in de hitte!” Zeg:” De hitte van de hel is erger.” Als jullie dat toch begrepen!}

(At-Taubah: 81)

Hij streeft ernaar om de gelovigen te kwetsen

Allah, de Almachtige zegt:

{En degenen (de huichelaars) die een moskee hebben gebouwd om schade en ongeloof en splitsing onder de gelovigen te veroorzaken, en als een hinderlaag van degenen die eerder tegen Allah en Zijn Boodschapper vochten: en zij zullen zeker zweren:” Wij wensen niets dan het goede.” Maar Allah is er getuige van dat zij zeker leugenaars zijn.}

(At-Taubah: 107)

Het wordt duidelijk, dat huichelarij bestaat uit al deze afwijkingen van ideeën en toepassingen bestaat. Daarbij zijn de huichelaars gedoemd, om de eeuwigheid in de diepste niveaus van de hel door te brengen. Is het dan goed, om hen huichelaars of aspecten van hypocrisie toe te schrijven aan degenen die anderen naar de islam uitnodigen en hun mannen en rijkdommen uitzetten om de religie van Allah op de aarde te steunen?

Het antwoord is “Ja”.

Degenen die anderen naar het pad van Allah uitnodigen (boven alle anderen) hebben het het hardst nodig, om zichzelf te beoordelen en hun eigen ideeën te beschermen tegen fouten. Niemand slaagt in Allahs religie, behalve degene die zijn ziel reinigt, zijn hart oppoetst en zijn pad effent. Daarom heeft de moslim de constante behoefte om zichzelf van tijd tot tijd te heronderzoeken om op die manier geen enkele opening over te laten,waardoor de duivel zijn projectielen kan afvuren, zonder deze te vergrendelen.

Er is niets dat Satan kan doen met de rechtschapen mensen van diepgeworteld geloof. Hoe sterker het geloof is, des te zwakker is Satan in zijn aanval. Hoe sterker het geloof is, des te zwakker is Satan in zijn aanval, terwijl bij zwakker geloof, de aanval van Satan zwaarder is.

Abu Dawud overleverde op gezag van Hudhaifah Ibn Al-Yaman die zei:” Harten zijn er van vier categorieën. Het eerste is het gesloten hart, dat het hart van een ongelovige is. Het tweede is het gepantserde hart, dat is het hart van de huichelaar. Het derde is het zuivere hart, waarin licht schijnt, wat het hart van de gelovige is. Het vierde is het hart waarin zowel geloof als huichelarij bestaan. Het geloof in dit hart is als een boom die wordt voorzien van vers water, terwijl de hypocrisie als een zweer is, die pus en bloed ettert. Welke de andere overwint van die twee (geloof of huichelarij) zal zegevieren).”[4]

Het hart waarin zowel geloof als hypocrisie voorkomen, is het hart dat Satan bezighoudt met debat en wat hij probeert te misleiden. Hoe meer de hypocrisie toeneemt, hoe duisterder het hart wordt, tot de hypocrisie compleet is en het hele hart wordt overspoeld met duisternis.

Feitelijk is dit een kritieke zaak, want hypocrisie sluipt langzaam het hart binnen. Het is dus belangrijk, dat de metgezellen van de Profeet (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) hypocrisie in die mate vreesden, dat ze zichzelf ervan beschuldigden. Ibn Abu Mulaikah overleverde:” Ik heb dertig metgezellen van de Profeet (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) ontmoet en eenieder van hen vreesde dat er hypocrisie in zijn hart was.” Zelfs de correcte kalief  ‘Umar Ibn Al-Khattab (moge Allah tevreden met hem zijn) drong aan bij Hudhaifah Ibn Al-Yaman, om te vertellen of zijn naam bij de namen van de huichelaars was, die de Profeet (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) hem had toevertrouwd geheim te houden.

Laten we nu echter terugkeren naar de Hadith die bevestigd dat: het vertellen van leugens, het verbreken van beloften, contractbreuk en het misbruiken van anderen in tijden van twist de eigenschappen zijn, die een huichelaar identificeren, zelfs wanneer hij bidt, vast en beweert een moslim te zijn. Zouden al deze trekken in één  gevonden worden, dan is hij een complete huichelaar. Evenzo, als er slechts één aanwezig is, bezit hij toch nog een hypocriete eigenschap, tot hij deze volledig opgeeft.

Waarom heeft de Hadith deze vier trekken in het bijzonder eruit gelicht? Wat zijn hun effecten op het hart van de gelovige en op de moslimsamenleving in het algemeen?

Eerlijkheid

Eerlijkheid is een van de karakteristieken en vruchten van het geloof . Allah, de Almachtige zegt:

{O jullie die geloven, vreest Allah en wees met de waarachtigen.}

(At-Taubah: 119)

Eerlijkheid wordt onderverdeeld in zes categorieën:[5]

  1. Eerlijkheid in spraak, wat inhoudt, dat de tong niets dan de waarheid spreekt;
  2. Eerlijkheid in intentie en wil, dat betekent, dat de tong de waarheid spreekt, met het zoeken naar de tevredenheid van Allah, als enige motivatie en niet het genoegen van het ego;
  3. Eerlijkheid in resolute vastbeslotenheid en een sterke wil om een koers richting Allah aan te houden;
  4. Eerlijkheid in de vastbeslotenheid om iemands beslissingen voor de ziel ten uitvoer te brengen, kan sterk zijn op het moment van beslissing, maar zwak op het moment van vervulling;
  5. Eerlijkheid in actie, want er is een intentie die bekend staat als Riya’(opvallen); dit is een tegenstelling tussen het innerlijke en het uiterlijke. Als men dit bewust doet, wordt de oprechtheid ongeldig. Zelfs wanneer het onopzettelijk gedaan wordt, is men nog steeds oneerlijk want eerlijkheid houdt in, dat men zich aan de waarheid houdt; zowel openlijk als in het geheim.
  6. Eerlijkheid in de rangen van het geloof zoals eerlijkheid in vrees, hoop, verering, onthouding, tevredenheid, vertrouwen en liefde. Dit is ook de hoogste van de rangen van eerlijkheid.

Allah, de Almachtige zegt:

{Zeg (O Mohammed):” Laat mij binnentreden op oprechte wijze en laat mij verlaten op oprechte wijze en doe mij van Uw zijde helpende macht toekomen.}

(Al-Isra’: 80)

De betekenis van dit vers is, dat de ware moslim nergens moet binnengaan, zich mee bezighouden, weggaan of iets opgeven zonder dat het omwille van Allah is na het zoeken van Zijn Leiding. Wanneer een moslim echter deze graad van eerlijkheid bereikt, zal hij hopen op het leven, maar enkel als een middel om de Tevredenheid van Allah te verkrijgen.

Dit is de eerlijkheid die naar rechtschapenheid en het Paradijs leidt.

De Boodschapper van Allah (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) zei:

“Voorzeker, eerlijkheid leidt tot rechtschapenheid en rechtschapenheid leidt naar het Paradijs en een man wordt bij Allah genoteerd als een oprechte man, zolang hij eerlijk is. Liegen leidt echter tot immoraliteit en immoraliteit leidt naar het Hellevuur en een man wordt bij Allah als een leugenaar genoteerd, zolang hij liegt.”[6]

Liegen

Het tegengestelde van eerlijkheid is liegen. Liegen leidt tot immoraliteit en dus tot het Hellevuur als resultaat. De Boodschapper van Allah (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) waarschuwende ons toen hij zei:

“Pas op voor leugen, want leugen vergezelt immoraliteit en die twee samen zijn het Hellevuur.”[7]

Liegen indiceert de huichelarij die in het hart geworteld is en het bedrog dat op iemands tong verschijnt. De Boodschapper van Allah (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) zei:

“Wat is het een afschuwelijk bedrog om je broeder iets te vertellen, terwijl hij je gelooft en jij liegt.”[8]

Liegen is een afwijking van het instinctieve gedrag en een slechte gewoonte van de mens, die benden alle peil is en die onthult hoe diep de corruptie iemands ziel is binnengedrongen. Het is een abnormaal gedrag, die zich ontwikkelt uit een kwade oorsprong en hem laat rennen om zonden te begaan, zelfs zonder noodzaak. Liegen is feitelijk een van de slechte gewoonten waarvan de behandeling een langdradig proces is, niet anders dan ziekten die het menselijk lichaam beïnvloeden. Deze ziekten verschillen niet van de angst die gevoeld wordt door degenen met een fobie of de gierigheid van anderen, die hen dwingt hun handen terug te trekken, zelfs wanneer ze liefdadigheid proberen te geven. Als deze ziekten vergeeflijk zijn, volgt daaruit niet automatisch, dat degenen die zichzelf door leugen in beslag laten nemen en tussen de mensen leven, terwijl ze hen bedriegen ook vergeven worden. [9]

De Boodschapper van Allah (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) zei:

“De gelovige kan op natuurlijke wijze blootgesteld worden aan alle tekortkomingen, behalve aan leugen en bedrog.”[10]

Er werd aan de Boodschapper van Allah (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) gevraagd:”Kan een gelovige een lafaard zijn?” Hij (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) antwoordde:”Ja.” Er werd hem (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) weer gevraagd:”Kan een gelovige een vrek zijn?” Hij (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) antwoordde:”Ja.” Er werd hem(mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) nog eens gevraagd:”Kan een gelovige een leugenaar zijn?” Hij (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) antwoordde:”Nee.”

Het was precies deze reden, waarom velen het liegen al hadden opgegeven, zelfs tijdens de Jahilliyah (pre-islamitische periode). Het was Abu Sufyan, de oppositieleider in Mekka, die voor de Byzantijnse Keizer Heracles stond, toen hij ondervraagd werd over het karakter van de Profeet Mohammed (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn). Abu Sufyan gaf later commentaar over dit voorval, zeggende:”In deze situatie verlangde ik er sterker naar om enkele leugens te vertellen dan ooit tevoren, ik kon echter niets anders dan de waarheid uiten.”

Het was ook khalief Hisham Ibn Abdul-Malik die eens tegen Ibn Hsihab Al-Zuhari zei:”Je hebt gelogen.” Ibn Shihab antwoordde geshockeerd:”Ik heb gelogen! Bij Allah! Zelfs wanneer er een openbaring vanuit de hemel werd neergezonden die liegen toestond, zou ik nog steeds niet liegen.”

Dus liegen weerspreekt voorzeker een onberispelijke aard en een oprecht karakter. ‘Ai’shah (moge Allah tevreden zijn met haar) zei:”Het karakter dat het meest verafschuwd werd door de metgezellen van de Boodschapper van Allah (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn), was dat van een leugenaar. De Boodschapper van Allah (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) hield elk van zijn metgezellen in de gaten wanneer deze blijkbaar loog, tot hij berouw toonde bij Allah, de Allerhoogste.”[11]

De Boodschapper van Allah (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) betrachtte de grootste zorgvuldigheid, terwijl hij de eerste moslimgeneratie oprichtte, de eerste moslimgemeenschap ontwikkelde en de eerste moslimstaat bouwde om ervan overtuigd te zijn dat iedere bouwsteen in de voorbereiding van het bouwwerk gezond en deugdelijk was. Dus, hij (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) adviseerde zijn metgezellen, zeggende:

“Houd je stevig vast aan eerlijkheid, zelfs als je voorziet dat er een vergankelijk resultaat uit voorkomt, omdat er de ware veiligheid in ligt.”[12]

Bovendien waarschuwde hij (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) hen voor de gruwelijke aard van liegen, zeggende:

“Wanneer een dienaar een leugen vertelt, verwijdert de engel zich tot een afstand van een mijl van hem, vanwege de rotte geur die vrijkomt ten gevolge van deze daad.”[13]

De Boodschapper van Allah (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) was erop gespitst om hun harten te reinigen van twijfel en achterdocht, zeggende:

“Pas op voor achterdocht, want achterdocht is de meest oneerlijke spraak.” [14]

Hij (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) zei ook:

“Laat datgene wat je aan het twijfelen maakt voor datgene wat je niet laat twijfelen, want waarheid is vertrouwen en liegen is twijfel.”[15]

De islam dringt er sterk op aan, dat moeders de deugd van eerlijkheid bij hun kinderen inplanten, terwijl ze nog jong zijn. Op gezag van ‘Abdullah Ibn ‘Amir die zei:“Mijn moeder riep me een keer, terwijl de Boodschapper van Allah (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) bij ons thuis was. Ze zei:”Kom hier ik geef je…..”De Profeet (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) vroeg haar:”Wat wil je hem geven?” Ze antwoordde:”Ik wil hem enkele dadels geven.”Hij (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) zei tegen haar: “Er zal geschreven worden dat je tegen hem loog, wanneer je hem niets geeft.”

Asma’Bint Yazid overleverde dat ze de Profeet (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) eens vroeg:”O Boodschapper van Allah! Als een van ons (vrouwen) over iets zegt waarnaar ze verlangt:’Ik verlang er niet naar’, wordt dat dan beschouwd als een leugen?” Hij (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) antwoordde:”Het vertellen van leugens wordt geschreven als het vertellen van leugens, zelfs de kleinste leugen wordt genoteerd als een kleine leugen.”[16]

Dat is hoe de eerste moslimgeneratie begon te zoeken naar de waarheid en het spreken van de waarheid, zich verwijderend van liegen en het als iets weerzinwekkends te beschouwen. Zo waren zij in staat om een grootse menselijke beschaving op te bouwen, waar de mens tevreden kon zijn en een vreugdevol en eervol leven kon leiden. Zou je dan die dagen van opbouw willen vergelijken met de huidige dagen van afbraak?

Op de eerste dag dat de leider zijn ambtperiode begon, zou hij zijn onderdanen eraan herinneren:”Waarheid is vertrouwen en leugen  is bedrog; leugen en immoraliteit gaan gepaard in de vuren van de Hel.”[17]

Tegenwoordig vinden we heersers, die kastelen voor hun volk bouwen, maar dan slechts in de lucht. Ze bouwen macht voor hen op, maar slechts in hun verbeelding. Ze beweren de mensen te bevrijden, maar de werkelijkheid onthult de leugen. Vertrouwen tussen de leider en de geleiden is verdwenen. Hun politiek is leugen en hun agenda’s zijn propaganda.

In het verleden kon men vertrouwen op de betrouwbaarheid van overleveringen, omdat een persoon iets vertelde en je vond dan een man, die getuigde aangaande zijn broeder in geloof:”Als hij het echt gezegd heeft, is het helemaal waar.” Deze dagen echter, met alles waarmee we door de media geïnformeerd worden, wordt het door de mensen genegeerd, zeggende:”Kletspraat van journalisten.”

In onze vroegere tijd van waardigheid, was de leider precies als elk van zijn onderdanen: hij had rechten en plichten. Er werd geen onderscheid tussen hem en de rest van de mensen gemaakt. Hun voorbeeldige rolmodel was de Profeet Mohammed (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) die continu verzocht:

“Vereer me niet teveel, zoals door de Christenen gedaan is, die de zoon van Maria teveel vereerden. Voorzeker, ik ben niets dan een dienaar van Allah. Dus, (het is beter om te) zeg(gen):”(Mohammed is) de dienaar van Allah en zijn Boodschapper.”

Tegenwoordig worden er uitgebreide gedichten geschreven, de media wordt overheerst en het volk is verplicht de straat op te gaan om hun heerser te bezingen en te eren, bewerende dat hij een lichtpunt is in het midden van de duisternis.

In onze vroegere dagen van waardigheid, was het motto van zakentransacties tussen mensen, dit van de Profeet (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn):

“De koper en de verkoper hebben beiden mogelijkheden tot ze uit elkaar gaan: wanneer ze de waarheid spreken, zal hun transactie overspoeld worden met zegeningen. Maar wanneer ze liegen zal hun transactie verstoken zijn van zegeningen.”[18]

Tegenwoordig zijn niet alleen bedriegen, oneerlijkheid en liegen gangbaar in het vocabulair van zowel de plaatselijke als de internationale handel, maar wordt de voeding van de mensen ook nog eens in gevaar gebracht door vervalste en bedorven waar aan te bieden.

In onze vroegere periode van waardigheid, leidden de mensen een normaal leven, waarin ze plezier konden hebben, zingen en zelfs flauwekul uithalen, dit deden ze echter enkel in waarheid. Tegenwoordig vinden we daarentegen duizenden uitgaven en tv-programma’s , die miljoenen dollars kosten, die aan de media worden gespendeerd, die in feite is gebaseerd op liegen, bedriegen en de afnamen van moraliteit. Dit vormt een generatie waarin liegen en waanvoorstellingen inherent zijn. De Profeet (mogen de vrede en zegeningen van Allah met hem zijn) beschreef deze generatie als volgt:

“Wee voor degene die leugens vertelt om de mensen aan het lachen te maken. Wee voor hem, wee voor hem.”[19]

In de glorieuze dagen van de vroege moslims waren de grootste en kleinste mensen voor de wet gelijk. Ze zochten naar de waarheid en zowel de aanklager als de verdediger waren erop gebrand om gerechtigheid te vinden, om op die manier de schande in dit leven te verkrijgen (wanneer de uitspraak tegen hen zou beslissen) in plaats van in het Hiernamaals. Maar tegenwoordig, wordt er in de rechtszaken vaak gezegd, dat de getuige “niets gezien heeft”. En wanneer iemand wordt bevolen een eed af te leggen, zal hij nonchalant zeggen:”Breng de bevrijding maar.”

In de dagen van onze waardigheid, spraken de moslims de waarheid en niets dan de waarheid, totdat ze werden genoteerd bij Allahs waarachtige dienaren. Tegenwoordig zijn mensen er echter aan gewend geraakt om te liegen, tot ze bij Allah, de Almachtige genoteerd staan als leugenaars. Dat was hun situatie en dit is spijtig genoeg de onze. Dus wanneer er een generatie opstaat, die wordt gekenmerkt door oprechtheid en die voor de Ummah terugkeer naar het rechte pad verlangt, dan zouden hun kinderen zich moeten vasthouden aan de koers van hun voorgangers en hun leider; woord voor woord, uitspraak voor uitspraak, actie voor actie in overeenstemming met de bevelen van de Meest Barmhartige:

{Het is geen vroomheid dat jullie je gezichten naar het Oosten en het Westen wenden, maar vroom is wie gelooft in Allah en het Hiernamaals en de Engelen en de Schrift en de Profeten en die het bezit dat hij liefheeft weggeeft aan de verwanten en de wezen en de behoeftige en de reiziger (zonder proviand) en de bedelaars en (het gebruikt) voor het vrijkopen van slaven en die de Salat onderhoudt, de Zakat geeft en die trouw zijn aan hun belofte wanneer zij een belofte hebben gedaan en de geduldigen in tegenspoed, in rampspoed en in oorlogstijd. Zij zijn degenen die oprecht zijn en zij zijn het die de Muttaqoen zijn.}

(Al-Baqarah: 177)

 

One Comment

  1. BarakAllahu fiekum voor deze duidelijke uiteenzetting , maar het enige dat ik nog wou vragen is waar de voetnoten zijn die staan er blijkbaar niet bij , khayr in shaa Allah
    wassalaam

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.

Close