Voor Kinderen

De dood van de profeet

Korte tijd na zijn terugkeer van de bedevaart werd de profeet erg ziek. Hij leed aan zware hoofdpijnen die hem snel verzwakten. Zijn vrouw Aisja zorgde liefdevol voor hem, maar de toestand van de profeet verslechterde zienderogen. Hij stelde zijn trouwe metgezel Aboe Bakr aan om het gebed te leiden, omdat hij zich daar zelf te zwak voor voelde.

Op een dag begaf de profeet zich nog eenmaal naar de moskee om het gebed te verrichten. De metgezellen, die dachten dat de profeet weer een beetje was opgeknapt, waren erg blij. Maar toen de profeet terug naar huis kwam, werd hij nog zieker. Hij legde zijn hoofd in de schoot van zijn vrouw Aisja en sprak zijn laatste woorden uit: “O mijn Allah, de Allerhoogste Metgezel.”

Hij stierf in de kamer van Aisja, waar hij ook werd begraven. Het was op de twaalfde dag van de maand Rabbi’ al-Awwal, dezelfde dag waarop hij geboren werd. De heilige profeet Mohammed was 63 jaar geworden.

De moslims waren erg verdrietig over het verlies van hun geliefde profeet. Sommigen wilden niet eens geloven, dat Allah Zijn profeet nu bij Zich geroepen had. Maar Aboe Bakr sprak tegen hen: “Hij die Mohammed aanbad, weet dat hij is overleden. Hij die Allah aanbidt, weet dat Hij eeuwig zal leven.” Daarna las hij het volgende Qor’aanvers:

“En Mohammed is slechts een boodschapper. Waarlijk, alle boodschappers voor hem zijn al heengegaan. Zult u zich dan op uw hielen omdraaien als hij sterft of gedood wordt?”

De boodschapper van Allah was er niet meer. Aan zijn familie liet hij bijna niets na van wereldse waarde. Maar aan de gehele mensheid liet hij iets na van onschatbare waarde: het heilige Boek van Allah: de Qor’aan, en zijn eigen goede voorbeeld, de soenna. Volgens de woorden van de heilige profeet zal degene die zich hieraan sterk vasthoudt, nooit dwalen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.

Close