Wonderen van de Koran

Published on oktober 10th, 2012 | by Harun Yahya

0

De wetenschappelijke wonderen van de Koran, deel 2

DE LAGEN VAN DE ATMOSFEER

Een feit, geopenbaard in de verzen van de Qoer’aan, over het universum, is dat de hemel opgebouwd is uit zeven lagen.

Hij is het Die voor jullie alles geschapen heeft wat op aarde is. Toen reikte Hij over de hemel en maakte zeven hemelen en Hij is de Kenner van alle zaken. (Qoer’aan 2:29)

Toen rees Hij boven naar de hemel toen het rook was, en zei daartegen en tegen de aarde: “Komen jullie beiden, vrijwillig of onvrijwillig.” Zij zeiden beiden: “Wij komen vrijwillig.” Toen voltooide en beëindigde Hij hun scheppen (zoals) zeven hemelen in twee dagen en Hij gaf elke hemel zijn eigen werk (Qoer’aan 41:11-12)


De aarde heeft alle eigenschappen die voor het leven nodig zijn. Eén daarvan is de atmosfeer, die als schild dient om het leven te beschermen. Tegenwoordig is het een vaststaand feit dat de atmosfeer uit verschillende lagen bestaat, die boven op elkaar liggen. Precies zoals het in de Qoer’aan beschreven is, bestaat de atmosfeer uit zeven lagen. Dit is beslist één van de wonderen van de Qoer’aan.

Het woord ‘hemelen’ dat in veel verzen van de Qoer’aan gebruikt wordt, verwijst zowel naar de lucht boven de aarde, als naar het gehele universum. Gegeven deze betekenis van het woord zien we dat de hemel van de aarde, of de atmosfeer, opgebouwd is uit zeven lagen.

Tegenwoordig is het inderdaad bekend dat de atmosfeer van de wereld uit verschillende lagen bestaat, die boven op elkaar liggen. De definities die gebaseerd zijn op eigenschappen van chemische inhoud of luchttemperatuur hebben bepaald dat de atmosfeer van de aarde uit zeven lagen bestaat. Volgens de ‘Limited Fine Mesh Model (LFMMII), een model van de atmosfeer dat gebruikt wordt om een schatting te maken van de weervoorspellingen gedurende 48 uur, heeft de atmosfeer ook zeven lagen. Volgens de moderne geologische definities zijn de zeven lagen van de atmosfeer de volgende:


Veertienhonderd jaar geleden, toen men nog dacht dat de hemel uit één geheel bestond, verklaarde de Qoer’aan, wonderbaarlijk genoeg, dat het uit lagen bestond, om nog preciezer te zijn, uit zeven lagen. Aan de andere kant heeft de moderne wetenschap nog maar onlangs ontdekt dat de atmosfeer die de aarde omringt, gevormd wordt door zeven basislagen.

Een ander belangrijk wonder met betrekking tot dit onderwerp, wordt in soera Fussilat, ayah 12 vermeld, middels de verklaring: “Hij gaf elke hemel zijn eigen werk.”. Met andere woorden, in dit vers laat Allah zien dat Hij aan iedere hemel een eigen taak heeft toegewezen. Zoals in voorafgaande hoofdstukken is gebleken, heeft iedere laag zijn vitale plichten voor het nut van de mensheid en voor al het andere leven op aarde. Iedere laag heeft een speciale functie, variërend van het vormen van regen tot het beschermen tegen schadelijke straling, van het weerkaatsen van radiogolven tot het beschermen tegen de schadelijke effecten van meteoren.

De onderstaande verzen vertellen ons over het verschijnsel van de zeven lagen in de atmosfeer:

Zien jullie niet hoe Allah de zeven hemelen, de één boven de ander, geschapen heeft (Qoer’aan 71:15)

Die zeven hemelen geschapen heeft, de één boven de anderen (Qoer’aan 67:3)

Het is een groot wonder dat deze feiten, veertienhonderd jaar geleden uitvoerig in de Qoer’aan, zijn genoemd. Deze feiten zouden zonder de technologie van de 20ste eeuw onmogelijk ontdekt kunnen zijn.

DE FUNCTIE VAN BERGEN

De Qoer’aan vestigt onze aandacht op een belangrijke functie van de bergen:

En Wij hebben op de aarde stevige bergen geplaatst, anders zou zij met hen schudden (Qoer’aan 21:31)

Zoals we gezien hebben, staat er in het vers dat de bergen de functie hebben om de aarde tegen schokken te beschermen.

Dit feit was bij niemand bekend, in de tijd dat de Qoer’aan geopenbaard werd. Het is eigenlijk pas recent duidelijk geworden als uitkomst van de ontdekkingen van de moderne geologie.


Bergen hebben hun wortels diep onder de oppervlakte van de grond (Earth, Press and Siever, p. 413)


Schematische weergaven van bergen als pinnen, geven weer hoe de
diepe wortels in de grond zijn ingebed. (Anatomy of the Earth, Cailleux, p. 220)


Een andere illustratie laat zien hoe de bergen pinvormig zijn door hun diepe wortels. (Earth Science, Tarbuck and Lutgens, p. 158)

Volgens deze ontdekkingen, worden bergen gevormd als resultaat van de bewegingen en van de botsing van massieve platen, die de aardkorst vormen. Als twee platen met elkaar in aanraking komen, schuift de sterkere onder de andere, die plaat bovenop buigt en vormt hoogtes en bergen. De laag eronder strekt zich onder de grond uit en maakt een diepe strekking naar beneden. Dit heeft het gevolg, zoals al eerder gezegd is, dat de bergen een deel onder het aardoppervlak hebben dat net zo groot is als de zichtbare delen op de aarde.

In een wetenschappelijke tekst wordt de structuur van de bergen als volgt beschreven:

“Als de continenten dikker worden, zoals in berggebieden, dan zinkt de aardkorst dieper in de mantel.”2

In een vers wordt gewezen op deze rol van de bergen en vergeleken met ‘pinnen’

Hebben Wij de aarde niet als een bed uitgespreid? En de bergen als pinnen? (Qoer’aan 78:6-7)

Door de uitstrekking van de bergen, zowel boven als onder de grond, pinnen zij de verschillende platen vast alsof deze vast worden gespijkerd. De aardkorst bestaat uit platen die voortdurend in beweging zijn. De bevestigingsmogelijkheid van de bergen voorkomt voor een groot gedeelte schokken omdat zij de aardkorst, die een bewegelijke structuur hebben, vastzetten.

Met andere woorden, bergen nagelen de platen aan de aardkorst vast, door zich op de bevestigingspunten van deze platen, boven en onder het aardoppervlakte, uit te strekken. Op deze manier bevestigen zij de aardkorst en voorkomen zij dat deze over de magmalaag of tussen de platen gaat zwerven. Kortom, we kunnen de bergen als spijkers zien die stukken hout vasthouden.

Deze bevestigende functie van de bergen wordt in de wetenschappelijke literatuur met de term ‘isotasie’ aangeduid.

Isotasie betekent het volgende:

Isotasie: algemeen evenwicht op de aardkorst bereikt door een stroom van rotsmateriaal, onder het oppervlakte onder gravitationische druk.3

Deze vitale rol van de bergen, die door de moderne geologie en seismologisch onderzoek ontdekt is, was eeuwen geleden in de Qoer’aan geopenbaard als een voorbeeld van de suprème wijsheid van de schepping van Allah.

En Wij hebben op de aarde stevige bergen geplaatst, anders zou zij met hen schudden (Qoer’aan 21:31)

DE BEWEGINGEN VAN BERGEN

In een vers wordt ons verteld dat de bergen niet zo bewegingsloos zijn als het lijkt, maar dat zij voortdurend in beweging zijn:

En je zal de bergen zien en denken dat zij solide zijn, maar zij zullen voorbij gaan zoals wolken voorbij gaan. (Qoer’aan 27:88)

Deze beweging van de bergen wordt veroorzaakt door de beweging van de aardkorst waar ze op staan. De aardkorst ‘drijft’ op de mantel, die een grotere dichtheid heeft. Het was aan het begin van de 20ste eeuw dat voor het eerst in de geschiedenis, een Duitse wetenschapper, Alfred Wegener, de gedachte uitte dat de continenten van de aarde, toen ze gevormd werden, met elkaar verbonden waren, en dat ze daarna in verschillende richting afgedreven zijn, en zich dus van elkaar scheidden, terwijl ze van elkaar afdreven.

Pas in de tachtiger jaren van de twintigste eeuw begrepen geologen dat Wegener gelijk had; dit was 50 jaar na zijn dood. Wegener beweerde in een artikel uit 1915, dat 500 miljoen jaar geleden de landmassa van de aarde samengevoegd was, en deze grote massa, Pangaea genoemd, bevond zich op de Zuidpool.

Ongeveer 180 miljoen jaar geleden deelde Pangaea zich in tweeën, elk deel dreef een andere kant op. Het ene gigantische continent was Gondwana en dit omvatte Afrika, Australië, Antarctica en India. Het andere was Laurasia en dit omvatte Europa, Noord-Amerika en Azië zonder India. Tijdens de daaropvolgende 150 miljoen jaar na deze opsplitsing, werden Gondwana en Laurasia verdeeld in kleinere gedeelten.

Deze continenten die na de opsplitsing van Pangaea ontstonden, hebben zich voortdurend bewogen over het aardoppervlakte, met een snelheid van enkele centimeters per jaar, ondertussen veranderden de verhoudingen van land en water op de aarde.

In het begin van de twintigste eeuw, als resultaat van een destijds uitgevoerd geologisch onderzoek, werd de ontdekte beweging van de aardkorst als volgt door wetenschappers uitgelegd

De korst en het bovenste gedeelte van de mantel, met een dikte van ongeveer 100 km, zijn in onderdelen, die platen worden genoemd, verdeeld. Er zijn zes grote platen en verschillende kleinere. Volgens de theorie, genaamd tektonische platen, bewegen deze platen zich op aarde, en zij dragen de bodem van de continenten en de oceanen met zich mee. De beweging van de continenten is volgens metingen van 1 tot 5 cm per jaar. Aangezien de platen blijven bewegen, zal dit leiden tot een langzame verandering in de geografie van de aarde. Ieder jaar, bijvoorbeeld, wordt de Atlantische Oceaan een stukje wijder.4

Er wordt hier iets heel belangrijks gezegd: Allah verwees in het vers naar de beweging van de bergen en aan het wegdrijven. Tegenwoordig gebruiken de moderne wetenschappers de term: “de drift van de continenten” voor deze beweging.5

Dit is beslist één van de wonderen van de Qoer’aan, dat dit feit, dat pas door de wetenschap ontdekt is, al eerder in de Qoer’aan vermeld werd.


De plaatjes links laten de plaats van de continenten in het verleden zien. Als we aannemen dat de beweging van de continenten op dezelfde manier door zal gaan, dan zullen ze op de plaats liggen, die door het rechterplaatje wordt aangeduid.

HET WONDER IN HET IJZER


Een baar ijzer

In de Qoer’aan is ijzer één van de elementen die naar voren worden gebracht. In Soera Hadid (wat ijzer betekent), wordt ons verteld:

En Wij hebben ijzer neer gezonden, waarin een geweldige macht ligt en ook veel profijt voor de mensheid. (Qoer’aan 57:25)

Het woord “neer gezonden”, dat in dit vers speciaal voor het ijzer gebruikt wordt, zou een metaforische betekenis kunnen hebben, teneinde uit te leggen, dat ijzer tot nut van de mensen is gegeven. Maar als we de letterlijke betekenis van het woord nemen, n.l. ‘het fysiek uit de hemel naar beneden sturen’, zoals in het geval van neerslag of zonnestralen, realiseren wij ons dat dit vers duidt op een veelbetekenend wetenschappelijk wonder.

Dit is vanwege het feit dat moderne astronomische ontdekkingen hebben uitgewezen dat het ijzer dat in onze wereld gevonden wordt, afkomstig is van de gigantische sterren in de ruimte.

Niet alleen het ijzer op aarde maar ook het ijzer in het gehele zonnestelsel komt uit de diepe ruimte aangezien de temperatuur van de zon niet voldoende is om het element ijzer te vormen. Het ijzer kan slechts gevormd worden in sterren die veel groter zijn dan de zon, waar de temperatuur kan stijgen tot een paar honderd miljoen graden. Als de hoeveelheid ijzer in een ster, boven een bepaald niveau komt, heeft die ster er geen ruimte meer voor, en zal uiteindelijk ontploffen in een wat genoemd wordt ‘nova’ of ‘supernova’. Het gevolg van deze ontploffing is dat meteoren, die ijzer bevatten, zich over het hele universum verspreiden en zich door de ruimte verplaatsen totdat ze door de zwaartekracht van een hemellichaam aangetrokken worden.

Dit alles laat zien dat ijzer niet op de aarde gevormd werd, maar afkomstig is van in de ruimte exploderende sterren met de hulp van meteoren, en het werd ‘neer gezonden’ op precies dezelfde manier, zoals is verklaard in het vers. Het is duidelijk dat dit feit in de zevende eeuw, toen de Qoer’aan geopenbaard werd, wetenschappelijk onbekend was.

DE RELATIVITEIT VAN TIJD


Tijd is een concept wat volledig van de waarnemer afhankelijk is. Als een bepaalde tijdsperiode voor iemand lang lijkt te duren, kan het voor een ander kort zijn, om te kunnen weten wie er gelijk heeft, hebben we bronnen nodig zoals klokken en kalenders. Het is onmogelijk om ons oordeel over de tijd zonder hen te maken.

Tegenwoordig is de relativiteit van tijd een bewezen wetenschappelijk feit. Dit werd door de relativiteitstheorie van Einstein, in het begin van de 20ste eeuw, duidelijk gemaakt. Tot dat moment wisten de mensen niet dat tijd een relatief concept was, en dat het afhankelijk van de omgeving, kon veranderen. Maar de vermaarde wetenschapper Albert Einstein heeft dit feit duidelijk in zijn relativiteitstheorie bewezen. Hij liet zien dat tijd afhankelijk is van massa en van snelheid. In de geschiedenis van de mensheid heeft niemand ooit eerder dit feit duidelijk uitgelegd.

Maar hier is één uitzondering op; de Qoer’aan omvat informatie over het feit dat tijd relatief is! Over dit onderwerp staat in enkele verzen:

En waarlijk, een dag met jullie Heer is als duizend jaren van jullie berekening. (Qoer’aan 22:47)

Hij regelt (alle) zaken van de hemelen en de aarde, dan zal het (de zaak) op een dag, die een duizend jaar van jullie berekening duurt naar Hem opstijgen. (Qoer’aan 32:5)

De engelen en de geest stijgen naar Hem op in een dag waarvan de tijd vijftigduizend jaren is. (Qoer’aan 70:4)

In een aantal verzen wordt er op gewezen dat mensen tijd verschillend ervaren en dat mensen een korte periode soms als een heel lange ervaren. Het volgende gevoerde gesprek van mensen tijdens hun oordeel in het hiernamaals, is hier een goed voorbeeld van.

Hij zal zeggen: “Hoeveel jaren zijn jullie op aarde gebleven?” Zij zullen zeggen: “Wij bleven een dag of een deel van een dag. Vraag het aan degenen die het bijhielden.” Hij zal zeggen: “Jullie zijn slechts kort gebleven – als jullie dat maar wisten! (Qoer’aan 23:112-114)

Het feit dat de relativiteit van tijd zo duidelijk in de Qoer’aan, een boek waarvan de openbaring in 610 na chr. is begonnen, genoemd wordt, is een ander bewijs dat het een heilig boek is.

DE JUISTE VERHOUDING VAN DE NEERSLAG

Eén van de onderdelen van de regen waar de Qoer’aan informatie over geeft, is dat het in de juiste hoeveelheid naar de aarde wordt gestuurd. Dit wordt in Soera Zoekhroef als volgt geformuleerd:

En Die water (regen) uit de hemel neer heeft gestuurd in een afgepaste maat. Dan hebben Wij het dode land daarmee tot leven gebracht en zo worden jullie ook voortgebracht,- (Qoer’aan 43:11)

Deze afgepaste hoeveelheid regen is weer door de moderne wetenschap ontdekt. Er wordt aangenomen dat in één seconde ongeveer 16 miljoen ton water van de aarde verdampt. Dit komt neer op 513 triljoen ton per jaar. Deze hoeveelheid staat gelijk aan de hoeveelheid regen die in een jaar op aarde valt. Dit houdt in dat het water voortdurend circuleert in een evenwichtige cyclus, in een ‘maat’. Het leven op aarde is afhankelijk van deze waterkringloop Zelfs als de mensen alle beschikbare technologie in de wereld zouden gebruiken, dan zouden ze nog niet in staat zijn om deze kringloop kunstmatig te maken.

Zelfs een kleine afwijking in dit evenwicht zou heel snel leiden tot een grote ecologische onevenwichtigheid, die het einde kan betekenen voor het leven op aarde. Maar dit gebeurt nooit, en de regen blijft ieder jaar in precies dezelfde hoeveelheid vallen, zoals in de Qoer’aan geopenbaard is.

 
Ieder jaar is de hoeveelheid water die van de aarde verdampt en er weer in de vorm van neerslag op valt ‘constant’ 513 triljoen ton. Deze constante hoeveelheid is in de Qoer’aan aangegeven door de uitdrukking: ‘het water uit de hemel neer heeft gestuurd in een afgepaste maat’. De constante van de hoeveelheid is heel belangrijk voor de continuïteit van het ecologische evenwicht, en daarom voor het leven.

2 Carolyn Sheets, Robert Gardner, Samuel E. Howe; General Science, Allyn and Bacon Inc. Newton Massachusetts, 1985, p. 305.
3 http://southport.jpl.nasa.gov/scienceapps/dixon/report6.html
4 Carolyn Sheets, Robert Gardner, Samuel E. Howe; General Science, Allyn and Bacon Inc. Newton Massachusetts, 1985, p. 305.
5 National Geographic Society, Powers of Nature, Washington D.C., 1978, p. 12-13.


About the Author

nl.harunyahya.com



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.

Back to Top ↑