De Zakaat

Published on januari 7th, 2017 | by Faysal Mawlawi

0

De definitie van zakaat, de rechtsregels en de verboden

De definitie

Zakaat is een afgesproken deel van de bezittingen waarover God de Verhevene heeft bevolen dat het genomen moet worden en besteed aan de rechthebbenden. Zakaat wordt ook wel aalmoes genoemd. De Verhevene zei:{ …de aalmoezen zijn voor de armen en de behoeftigen…}(al-Tawba: 60). En met de aalmoes wordt hier de verplichte zakaat bedoeld en dit is geen vrijwillige gift. Al-Mawardi zei: “een aalmoes is zakaat en zakaat is een aalmoes, de naam verschilt, maar de betekenis is hetzelfde”.

De oorsprong

De verplichting van de zakaat kreeg zijn definitieve vorm in al-Madina al-Munawwara. De nisaab (minimum hoeveelheid goederen waarover zakaat betaald moet worden) en de hoeveelheid werden vastgesteld. En de bezittingen waarover het verplicht is, en de banken die het moeten (in-)wisselen. En de staat is verantwoordelijk voor de regels. Er werden mankrachten gestuurd om het te innen en te besteden. Maar het leidt geen twijfel dat oorspronkelijk de zakaat al een plicht was, sinds het tijdperk van Mekka. Veel van de edele verzen in de Koran, die de bezittingen van de gelovigen definiëren, vermelden het geven van zakaat. Zoals het vers dat als basis wordt gebruikt door de rechtsgeleerden voor het vaststellen van de verplichting van zakaat in de landbouw. Dit is wat de Verhevene zei: {…eet van de vruchten ervan wanneer zij vrucht dragen en geeft wat ervan verplicht is op de dag van hun oogst, maar weest niet verkwistend, want Hij bemint de verkwister niet} (al-An’aam: 141). Dit is een Mekkaans vers uit sura al-An’aam.

Verschil tussen zakaat en rente (riba)

De verplichting van zakaat werd vastgesteld in het heilige Mekka vanaf het begin, vervolgens werd het bevestigd en opgeschreven in de uitvoerende wetten in al-Madina al-Munawwara (Medina). En het verbod op rente vond zijn oorsprong ook in het heilige Mekka, waarna het vervolgens werd opgeschreven in de uitvoerende wetten in al-Madina al-Munawwara. De Verhevene zei: {en de (lening op) woeker die jullie geven om het ten koste van bezittingen van de mensen te laten groeien, groeit bij God niet. Maar de zakaat die jullie geven terwijl jullie Gods aangezicht zoeken…zij zijn het laten verveelvoudigen}(al-Rum: 39). In dit edele vers wordt het beslist duidelijk dat dat de rente die het geld in werkelijkheid vermeerdert, vermindert wordt bij God. En dat de zakaat die het geld duidelijk vermindert in werkelijkheid wordt vermeerderd bij God.

Rechtsregels van de zakaat

Zakaat is een religieuze verplichting: het is één van de vijf zuilen van de islam. Volgens de bekende traditie van de Gezant Gods (vrede zij met hem): de Islam werd gebouwd op vijf: de geloofsgetuigenis (shahada) “er is geen God dan Allah en Muhammad is zijn Gezant”, het uitvoeren van de gebed (salaat), het geven van de religieuze aalmoes (zakaat), het vasten tijdens de Ramadan (sawm), en de bedevaart (hadj) voor degenen die daartoe in staat zijn.

En volgens de traditie van Ibn ‘Abbaas, zei de Profeet (vrede zij met hem) tegen Mu’ad ben Gabal, toen hij hem naar Yemen zond: “als jij komt tot één van de volken van het Boek, roep ze op tot de geloofsgetuigenis (shahada): “er is geen God dan Allah en ik ben Zijn Gezant”. En laat ze gehoor geven aan dat. En laat ze weten dat God Glorieus en Groot is. Geef ze het advies om elk etmaal vijf keer te bidden. En laat ze daaraan gehoor geven. En informeer ze dat God de Verhevene is en aalmoezen geven van hun bezittingen verplicht heeft. Van hun rijken wordt genomen en aan de armen onder hen geschonken. En dat ze daaraan gehoor geven. Pas op voor de waardevolle spullen- welke kostbare dingen dan ook- hun bezittingen. Vrees het verzoek van de verkeerde mensen. Er is geen sluier tussen dat en God”. Overgeleverd door de groep (geleerden).

Het wekken van belangstelling voor betaling van zakaat

God de Verhevene wekt de belangstelling van moslims op om zakaat te betalen door de oorsprong in hun zielen duidelijk te maken. Hij zei: {neem van hun bezittingen een aalmoes waarmee je hen zult reinigen en louteren} (al-Tawba: 103). Zoals is vastgesteld de betaling van de eigendommen van de godvrezenden {maar de godvrezenden zullen in tuinen en bij bronnen zijn. Zij nemen wat hun Heer hun geeft zij waren immers voordien mensen die goed deden. ‘s Nachts sliepen zij slechts weinig in de morgenschemering vroegen zij om vergeving. En een rechtmatig aandeel in bezittingen was voor de bedelaar en de onbemiddelde} (al-Dhaariyaat:15-19).

Hij (vrede zij met hem) zei: “Ik zweer bij drie (dingen), en vraag jullie om mijn woorden te onthouden:

  • Een aalmoes die genomen wordt van bezit zal het nooit in waarde verminderen.
  • Een man die getroffen wordt door onrecht en daar geduldig in is, daar zal God kracht voor geven.
  • En een man die begint met bedelen, daarvoor zal God de poort naar de armoede openen”.

Overgeleverd door al-Tirmidhi.

Het bang maken voor de bestraffing voor het verbieden of hinderen van zakaat

De Verhevene zei: over het bang maken voor de bestraffing voor het verbieden of hinderen van zakaat: {en hun die goud en zilver oppotten en geen bijdrage op Gods weg geven, zeg hun een pijnlijke afstraffing aan, op de dag dat zij in het vuur van de hel verhit zullen worden, dan zullen hun voorhoofden, hun zijden en hun ruggen verzengd worden. Dit is voor wat jullie voor jezelf opgepot hebben. Proeft dan wat jullie aan het oppotten waren.}(al-Tawba: 34-35).

Hij (vrede zij met hem) zei hierover: “geen eigenaar van kostbaarheden die niet zijn zakaat afdraagt zal gespaard blijven. De kostbaarheden zullen worden verhit in het Hellevuur en er zullen dan platen van worden gemaakt. Zijn voorhoofd en zijden zullen ermee worden gemerkt en dichtgeschroeid totdat God op een dag, even lang durend als 50.000 jaar, oordeelt over Zijn dienaren. Hij zal zijn weg naar het Paradijs of naar de Hel vinden”. Overgeleverd door de twee sheikhs. (al-Bukhaari & Muslim)

De ontkenner van de zakaat is een ongelovige

De schriftgeleerden zijn het met elkaar eens (er bestaat consensus) dat degenen die doen alsof ze de zakaat niet kennen en de plicht ervan ontkennen, ongelovig zijn en uit de Islam stappen. De imam al-Nawawi zegt over de moslim die weet dat de zakaat verplicht is en het vervolgens negeert: als je het ontkent wordt je beschouwd als ongelovige (kaafir). En de regels van de afvalligen zullen op hem van toepassing zijn; namelijk hem aanmanen berouw te tonen (istitaaba) of anders hem te doden, omdat de verplichting van de zakaat onontkoombaar bekend is in het geloof.

Wie een afkeer heeft van de kwestie of wie zegt: het past niet in dit tijdperk of iets dergelijks, die wordt beschouwd als een ontkenner van zakaat.

De bestraffing op het verhinderen van zakaat

Allah de Verhevene heeft drie soorten straffen vastgesteld op het verhinderen van zakaat:

  • De bestraffing in het Hiernamaals waarnaar de voorgaande traditie verwijst.
  • De wereldse bestraffing neergezonden als beschikking van God. De Profeet (vrede zij met hem) zei: “God zal de groep die zakaat verhindert jarenlang kwellen met hongersnood en droogte”. Overgeleverd door al-Hakim en al-Baihaqi en al-Tabarani. En in een andere traditie staat: “als zij zich weerhouden van zakaat betalen over hun bezittingen dan zal hen de regen uit de hemel ontnomen worden, alleen als ze het slechts krijgen voor hun vee, dan zal het niet regenen”. Overgeleverd door al-Hakim en goedgekeurd, en door Ibn Maajah, al-Bazaar en al-Baihaqi.
  • De wereldse bestraffing van moslim heerser die zal neerkomen op hen die weigeren zakaat te betalen. De Profeet (vrede zij met hem) zei: -over zakaat- “wie het vrijwillig geeft –dat betekent dat het een beloning verdient- die krijgt zijn beloning.  En wie het weigert, daarvan wordt het (af-)genomen en het geld gehalveerd – dat wil zeggen: de helft van zijn geld- Een van de bepalingen van onze Heer, er werd niets voor het volk van Muhammad vrijgelaten”. Overgeleverd door Ahmad, al-Nasaa’i, Abu Daawud en al-Baihaqi.

Als een groep moslims in opstand komt tegen de betaling van zakaat dan moet de clan hen bevechten en de zakaat moet met geweld van hen gepakt worden en dit deed Abu Bakr as-Sadiq (de zeer waarheidslievende) (moge God tevreden over hem zijn). Als enkele stammen halsstarrig weigeren de zakaat te betalen, moeten zij ook met hem strijden. En hij heeft gezegd: “Bij God, ik zal degenen bestrijden die onderscheid maken tussen het gebed en de zakaat, want de zakaat is het recht op bezit. Bij God, zelfs als ze de ‘iqaal (kamelenteugel) weerhouden die ze gewend waren om te betalen ten tijde van de Gezant Gods (vrede zij met hem), dan nog zou ik ze bestrijden”. Overgeleverd door de groep (geleerden) behalve Ibn Maajah.

 


About the Author



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.

Back to Top ↑